We zeggen het vaak voor de grap: “Geld maakt niet gelukkig, maar het helpt wel.” En dat klopt ook… tot op zekere hoogte. Want hoe fijn een goedgevulde bankrekening ook is, er zit een grens aan hoeveel geluk je eruit kunt halen.

De magische grens? 63.700 euro per jaar.
Dat is wat onderzoekers van Princeton ontdekten na het doorspitten van gegevens van zo’n 450.000 mensen. Volgens hen bereik je rond dat inkomen een soort ‘geluksplafond’. Alles wat je daarna extra verdient, levert nauwelijks meer levensvreugde op. Sterker nog: het najagen van een hoger salaris kost vaak juist tijd en energie die je liever zou besteden aan familie, vrienden of gewoon… jezelf.
Even in perspectief:
Die 63.700 euro geldt voor de VS, waar lonen over het algemeen wat hoger zijn — maar waar het leven ook flink duurder is. In Europa zou de grens dus nog wat lager kunnen liggen. Eerder onderzoek van Gallup wees op een gelukspiek bij een jaarsalaris tussen de 57.100 en 71.400 euro, afhankelijk van het land.
Dus wat maakt wél gelukkig?
Het blijkt dus niet te gaan om miljoenen op je spaarrekening, maar om genoeg geld om zonder zorgen te kunnen leven. Een huis dat bij je past, af en toe een leuke vakantie, en genoeg vrije tijd om ervan te genieten. Dát is waar de echte rijkdom zit.
Conclusie: je hoeft echt geen miljonair te worden om gelukkig te zijn — gewoon kunnen leven zonder financiële stress is al goud waard.





