Elk jaar in september is er weer de traditionele jaarlijkse spinnentelling, een evenement dat zowel educatief is voor degenen die wat terughoudend zijn tegenover spinnen, als een waar feest voor de echte liefhebbers. “Neem je zaklamp mee de tuin in, en met wat geluk zie je hoe de ogen van wolfspinnen oplichten in het donker. Het zijn fascinerende diertjes.”

Afname in spinnen

Spinnenexpert Jinze Noordijk merkt op dat hij in september normaal gesproken makkelijk een twintigtal kruisspinwebben in zijn tuin kan spotten. “Dit jaar is echter anders. Ik vind er nauwelijks twee,” zegt hij. Het aanhoudende warme en droge weer lijkt de grote boosdoener.

“Er is gewoonlijk veel voedsel beschikbaar in de herfst, maar de droogte houdt aan en er lijken minder muggen te zijn, wat waarschijnlijk de afname verklaart. Dit is echter slechts mijn vermoeden.” Voor degenen die niet van het beestje houden, is er echter geen reden tot juichen.

Hoeveel spinnen in de buurt?

Onze huizen en tuinen zijn nog steeds de thuisbasis van honderden spinnen: “Niet alle soorten maken grote zichtbare webben,” legt een bioloog van het EIS Kenniscentrum Insecten uit. “In de struiken tref je bijvoorbeeld de gewone tandenkaak variant, die jaagt op kleine insecten zoals bladluizen. En op de grond vind je de wolfsoort, die meesters zijn in het vangen van bodeminsecten.”

De kruisspin valt vooral op in deze tijd van het jaar; ze worden vroeg in het voorjaar geboren, voeden zich de hele zomer en zijn nu op hun grootst. Vrouwelijke exemplaren kunnen tot ongeveer 17 millimeter groot worden. De staat van de populatie in Nederland is momenteel een belangrijk vraagstuk.

Toekomst van de spinnen

Zullen er meer of minder spinnen zijn in de toekomst? Zullen er nieuwe soorten bijkomen of juist verdwijnen? Om deze vragen te kunnen beantwoorden, werd in 2014 het jaarlijkse telweekend ingevoerd. “Over een jaar of tien hopen we meer te kunnen zeggen over de patronen die we waarnemen,” vertelt Noordijk.

“We willen begrijpen hoe het met de populatie gesteld is en of er misschien zuidelijke soorten bij komen vanwege de warmte. Dat zou erg interessant zijn. “Het telweekend is ook een goede gelegenheid voor de minder dappere onder ons om de diversiteit aan spinnen te waarderen.

Zo kan je ze vinden

“Zelfs als je bang bent, is het nuttig om meer te leren over spinnen. Kennis helpt tegen de angst. En voor wie bang is dat spinnen ’s nachts actief worden: de meeste blijven in hun web. Ga gewoon zitten en observeer.” Noordijk adviseert om zowel ’s avonds als overdag spinnen te tellen.

“Als het donker is, schijn met een zaklamp in je tuin. Misschien zie je wel de reflecterende ogen van een wolfspin. Het zijn eigenlijk best grappige beestjes,” zegt hij enthousiast. “Of zoek naar de vensterbankspin of de platte wielspin, die zich graag in muurspleten verstopt.”

Hoewel spinnen niet echt gelokt kunnen worden, bestaan er technieken om ze te observeren. “Nee, lokken werkt niet. Sommige spinnensoorten leven echter in holen met een trechtervormig web aan de buitenkant. Probeer eens een mier in zo’n web te gooien, of tik zachtjes tegen het web van een huisspin met een stemvork om te zien wat er gebeurt.”

Nederland telt ongeveer 650 soorten, waarvan een deel dit weekend wordt geteld.

Bron: